Menu

De Luister 10 van mei

In de Luister van mei zijn weer een aantal nieuwe albums bekroond met het predikaat 'Luister 10', waarvan u hier de recensies kunt lezen. Beluister tijdens het lezen meteen de nieuwe Luistertienen met onze Luister 10-afspeellijst in Spotify. Deze afspeellijst wordt met elke nieuwe editie van Luister geüpdatet; dat is meteen genieten van de beste klassieke muziek van dit moment! Moniuszko

 

Moniuszko

Moniuszko

Ballet Music
Warsaw Philharmonic Orchestra o.l.v. Antoni Wit
Naxos 8573610 • DDD-76’

Wonderlijk hoe het sommige componisten vergaat. Niet, dat Moniuszko ooit een hot item was op de Europese bühnes, maar om hem dan zo helemaal te vergeten... Nee, dat verdient hij niet. Dat zijn muziek Pools-nationalistisch en de zangtaal Pools is moet geen belemmering zijn voor operafanaten. Zeker omdat zijn muziek, een soort kruising tussen Donizetti en Smetana, meer dan aangenaam is en de Poolse folklore zeer aanstekelijk. Deze cd met Moniuszko’s balletmuziek is dan ook een echte aanrader voor de Polen-liefhebber. Alle nationale dansen zoals de mazurka, polonaise, Krakowiak passeren de revue. En dat er ook de zigeunerdansen tussenzitten? Ach, een kniesoor die daarop let: zigeuners zijn immers altijd een onderdeel van de Poolse folklore geweest. Bovendien heeft Moniuszko ook de Poolse Roma’s in zijn opera-oeuvre opgenomen: de onweerstaanbare Gipsy Dance komt uit de opera Jawnuta uit 1836. De dansparade opent, zoals het in Polen hoort, met een grote polonaise: Concert polonaise uit 1866. Zijn grootste hits Halka (de mazurka en de dansen van de bergbewoners uit die opera zijn een absoluut hoogtepunt) en Straszny dwór ontbreken uiteraard niet, maar zelfs de grootste fan wordt verrast, want: wie heeft er ooit van zijn ballet Monte Christo gehoord? Funeral March vind ik een vreemde eend in de bijt: zelfs met de beste wil van de wereld kun je het werk geen dans noemen. Dit prachtige, requiem-achtige werk verdient meer dan weggestopt te worden tussen de ene en de andere vrolijkheid. Als geen ander weet Antoni Wit hoe je met Moniuszko om moet gaan. Net als op zijn eerdere cd met opera-ouvertures laat hij het Warsaw Philharmonic Orchestra de pan uit swingen.

Basia Jaworski

 

Bach

J.S. Bach

Matthäus Passion
James Gilchrist (evangelist), Stephan Loges (Christus) e.a., Monteverdi Choir, Trinity Boys Choir, English Baroque Solists o.l.v. John Eliot Gardiner
SDG725 • 2CD-2.41

Een live-opname vanuit de kathedraal van het Italiaanse Pisa, opgenomen in september 2016. Opvallend in het openingskoor zijn de verende tred – de link met het dansante treedt hier al naar voren – en de architectonische opbouw: het dramatische culminatiepunt ligt vlak voor het slot. Dat laatste komt voort uit een immense tekstbetrokkenheid, die bij Gardiner, meer dan bij vergelijkbare opnamen, de sturende, expressieve factor is. Illustratief is ook het slotkoor van deel één, waar de voordracht, onder invloed van de tekst, varieert van innig tot uitbundig. Het voelt bijzonder doorleefd allemaal, net als de koralen, die zorgvuldig en afgewogen naar punten, komma’s en woordaccenten zijn uitgewerkt. Ook bij de vocalisten zijn geen zwakke plekken te ontwaren. Integendeel: bij iedere aria of recitatief heb je het gevoel dat de noten precies dát krijgen wat ze verdienen. Luister bijvoorbeeld naar de basaria Mache dich mein Herze rein, waar een prachtige ingetogen mildheid de noten lijkt te bedekken. Aangrijpend. Bij de excellente keurtroepen van Gardiner wordt de dogmatiek van de authentieke uitvoeringspraktijk niet tot middel maar tot doel. Het resultaat is daarom niet alleen stijlvol, het is ook meeslepend, en op beslissende momenten puur dramatisch. Je kunt er gewoon niet omheen.

Maurice Wiche

 

Bel Canto

Diversen

bel canto – la voix de l’alto (werken van Vieuxtemps, Donizetti, Mazas, Bellini en Ney)
Antoine Tamestit (altviool), Cédric Tiberghien (piano)
harmonia mundi 902277 • DDD-65’

Als je het even niet meer weet, je hebt genoeg van alle lawaai om je heen of je wilt de dag goed beginnen, zet dan deze cd op en het leven keert weer terug tot zijn essentie. Grote woorden maar echt, zoveel rust en schoonheid hoor je zelden bij elkaar. Het spel van altviolist Antoine Tamestit is als een warm bad, als een tedere kus. Hij heeft zijn instrument, een Stradivarius uit 1672, volledig geïncorporeerd. Wat een zachtheid, wat een timing. Elke noot is een streling, een minimomentje van gelukzaligheid. Dat begint al bij de inzet van de Sonate van Vieuxtemps, het mooiste ‘liedje’ ooit geschreven. De klank van de altviool houdt het midden tussen de warmte en de stevigheid van de cello en de lichtheid en de soepelheid van de viool. Alles daartussen is Antoine Tamestit, die organisch samenspeelt met pianist Cédric Tiberghien. Het repertoire ligt goed in het gehoor en is ook wel enigszins gekozen op de lyrische mogelijkheden van de altviolist, maar geef hem eens ongelijk, welke musicus zou niet graag een keer Casta diva uit Norma van Bellini opnemen of Air de Leonore uit La favorita van Donizetti. Maar de meeste werken zijn origineel. Verrassend, wie kent Mazas (van de vioolétudes) als componist van een prachtig werk als Le songe, wie heeft ooit gehoord van Casimir Ney, wiens vijftiende Prelude voor altviool solo hier klinkt. Pluim ook voor de opname, die de muziek met de bekend harmonia mundi-kwaliteit bevestigt.

Marjolijn Sengers

 

Chamber Symphonies

Weinberg

Chamber Symphonies; Piano Quintet
Kremerata Baltica, Gidon Kremer (dirigent en viool) e.a.
ECM 2538/39 4814604 • DDD-155’ (2cd’s)

Gidon Kemer behoort tot de vurigste pleitbezorgers van de muziek van Weinberg. Het is ook niet de eerste keer dat hij diens muziek onder handen neemt. Met zijn Kremerata Baltica en een paar eminente gasten heeft hij al in 2014 Weinbergs kamermuziekwerken op cd vastgelegd. En de live-opname van Weinbergs Vioolsonate die hij samen met Martha Argerich in Lugano maakte is terecht legendarisch geworden. Kremers weinig subtiele manier van spelen en zijn bijna dierlijke gedrevenheid vormen de beste sleutel tot de muziek van de Pools-Russisch-Joodse componist die decennialang vergeten dan wel verloren was geraakt in de mallemolen van de wereldgeschiedenis. De opname van de eerste drie kamersymfonieën werd in juni 2015 live gemaakt in de Weense Musikverein. Zoals verwacht zijn Kremer en zijn ensemble meer dan ideaal voor de onstuimige muziek van de componist die grillig alle muziekwetten aan zijn laars leek te lappen. De bewerking van het Pianokwintet uit 1944 lijkt misschien overbodig, maar de toevoeging van slagwerk mist zijn uitwerking niet en maakt het werk monumentaler. Daarbij is de spanning om te snijden. De Vierde symfonie was het laatste werk dat Weinberg instrumenteerde. De toevoeging van de klarinetsolo mist zijn uitwerking niet en laat de luisteraar met open mond en naar adem happend achter. Wat zonder meer ook door de weergaloze spel van de klarinettist Mate Bekavac en de zeer gespierde directie van Mirga Gražinytė-Tyla komt. Dat het ‘opgepompte’ Pianokwintet en de Vierde symfonie iets beter klinken dan de andere werken is verklaarbaar: de opnamen hiervan zijn in de studio gemaakt.

Basia Jaworski

 

4 Cities

Diversen

4 Cities (cellosonates van Say, Debussy, Janáček en Sjostakovitsj)
Nicolas Altstaedt (cello), Fazil Say (piano)
Warner Classics 0190295867249 • DDD-73’

Cellist Nicolas Altstaedt beschrijft de compositie Four Cities van Fazil Say als ‘een duik in een wereld van poëzie, mystiek, geschiedenis, geheimen en passies van de Oriënt’. Altstaedt speelde de wereldpremière van het stuk in juni 2012 met de pianist José Gallardo en zet het nu met de componist zelf aan de vleugel voor het eerst op cd. De Turkse componist en pianist Say liet zich ervoor inspireren door vier Turkse steden; Sivas, Hopa, Ankara en Bodrum. De muziek is kleurrijk, jazzy en stormachtig en toelichter Julian Haylock beschrijft het als de muziek van een jonge man met een nog onbedorven, buitenissige fantasie. Het is een schril contrast met de Sonate in d klein van Debussy, die hij componeerde toen hij een uitputtende behandeling tegen kanker onderging. Waar zijn vroegere werk, zoals bijvoorbeeld de Prélude à l’après-midi d’un faune, een zekere jeugdige onbezonnenheid bevat, is deze sonate doordrenkt van de proeve des levens waar Debussy op moment van componeren middenin zat. Ook het leven van Sjostakovitsj ging, toen zijn Sonate in d klein, opus 40 tot stand kwam, niet over rozen; hij leefde op dat moment apart van zijn vrouw Nina omdat hij verliefd was op een andere vrouw. Het lange eerste deel lijkt in niets op het andere werk dat hij voor cello schreef. Sjostakovitsj hypnotiseert de luisteraar en bewaarde zijn zo kenmerkende scherpe, sarcastische humor voor de andere delen. Nicolas Altstaedt laat horen dat hij niet voor niets geroemd wordt om zijn creativiteit en veelzijdigheid. De cellist vliegt over de snaren van zijn Giulio Cesare Gigli en vindt een gedroomde recitalpartner in Fazil Say die continu de bodem van de toetsen opzoekt. De debuut-cd van dit duo is een must have-registratie van hun titanenstrijd.

Maartje Valk

 

Heroines of Love and Loss

Diversen

Heroines of Love and Loss (werken van o.a. Strozzi, Sessa, Caccini, Vizzana)
Ruby Hughes (sopraan), Mime Yamahiro Brinkmann (cello), Jonas Nordberg (theorbe, luit, aartsluit)
BIS-2248 • DDD-71’

Barbara Strozzi, Francesca Caccini, Claudia Sessa en Lucrezia Vizzana zijn de heldinnen die de kern vormen van het barokrepertoire op deze cd. Voor vrouwelijke componisten is het nu nog steeds niet vanzelfsprekend om door te dringen tot het componistenbastion, en in de zeventiende-eeuwse verhoudingen gold dat nog veel meer. Er was moed voor nodig om de sociale conventies te doorbreken. Deels ging het om nonnen die binnen een mannenvrij klooster ongestoord konden componeren, maar die ook gebonden waren aan wat de kerk voorschreef. Claudia Sessa en Lucrezia Vizzana zijn daarvan voorbeelden: hun korte bijdragen zijn meditatieve liederen over Christus’ lijden en verscheiden. De beide anderen scheven wereldlijke muziek. Francesca Caccini zong aan het hof van de familie De’ Medici in Florence. Ook Barbara Strozzi verkeerde in de grote wereld en was zelfs, heel modern, zelfstandig gambiste en componiste in Venetië. Hun liederen zijn vrijer van stijl en tonen invloed van Monteverdi. De cd bevat meer melancholieke ‘liederen van liefde en verlies’, waaronder twee beroemde aria’s van Purcell, afgewisseld met instrumentale stukken in dezelfde sfeer, zoals een over de cd verspreide Cellosonate van Vivaldi en twee verrassende stukken voor theorbe van Giovanni Kapsberger en Allessandro Piccinini. Al houd ik eigenlijk niet zo van thema-cd’s met heel veel verschillende componisten, in dit geval geef ik me helemaal over aan de miraculeus mooi zingende Ruby Hughes, de stijlvol spelende celliste Mime Yamahiro Brinkmann en de wondermooie luit- en theorbeklanken van Jonas Nordberg.

Gerard Scheltens