Menu Sluiten
Dante en Beatrice

Blog 3: Vide cor meum

Al eeuwen steggelen Florence en Ravenna over de botten van Dante Alighieri (1265-1321). In 1302 werd de invloedrijke dichter en vader van de Italiaanse taal uit zijn geboortestad Florence verbannen, om een kleine twintig jaar later als balling in Ravenna te sterven. Eens verbannen, blijft verbannen, vinden de Ravennati: over his dead body, Dantes botten zijn van ons. De Florentijnen op hun beurt zijn tot inkeer gekomen, betreuren de verbanning van hun grootste zoon en klagen steen en beenderen. Stof te over dus, over Dantes stoffelijk overschot, dat een hoop stof doet opwaaien.

Als ik de naam Dante hoor, denk ik automatisch aan de wonderschone aria Vide cor meum van de Ierse componist Patrick Cassidy. Het libretto daarvan is namelijk gebaseerd op een sonnet van de middeleeuwse dichter. Daarover later meer.

De film is niet zo best, de muziek onbeschrijfelijk mooi

Ik hoorde Vide cor meum voor het eerst in Ridley Scotts film Hannibal, het vuile vervolg op The Silence of the Lambs, waarvoor Cassidy het stuk in opdracht schreef. Die film is niet zo best, de muziek is onbeschrijfelijk mooi: hemelse gezangen die je optillen, meevoeren en troosten. Als ik het stuk draai, draai ik het minstens vier keer achter elkaar. Altijd als laatste, als afsluiter van de avond, omdat je daarna bent uitgedraaid. Er kan gewoonweg niets tegenop.

De Britse veelfilmer Ridley Scott was uiteindelijk niet blij met de manier waarop hij de aria in de film verwerkt had en gebruikte die opnieuw in zijn fascinerende kruisvaardersepos Kingdom of Heaven. Ditmaal een stuk beter en effectiever, tijdens de sterfscène van koning Boudewijn IV van Jeruzalem, een leproos die schuilging achter een blinkend dodenmasker. Meteen ook de beste scène van de film.

 

Cassidy baseerde Vide cor meum op een sonnet van Dante

Terug naar Dante. Zoals gezegd baseerde componist Patrick Cassidy de tekst van Vide cor meum (Zie mijn hart) op een sonnet van Dante. Specifieker nog: op een gedicht uit zijn jeugdwerk La vita nuova. De rode draad in deze mix van poëzie en proza is Dantes liefde voor Beatrice Portinari, een jonge, getrouwde koopmansdochter uit welgestelde Florentijnse kringen. Haar korte leven – ze werd slechts 24 jaar oud – is in nevelen gehuld. Wat we weten is dat de jonge dichter haar aanbad en ophemelde, ondanks dat hij haar maar een paar keer vluchtig ontmoette. Beatrice werd zijn muze, zijn engel, een archetype van goddelijke schoonheid en gratie in zijn lofdichten en treurzangen.

We vinden het sonnet in het derde hoofdstuk van La vita nuova. Het heet A ciascun’alma presa e gentil core (Aan elk hart gegrepen door de zoete pijn). Dante vertelt daarin van een droom over Beatrice. In die droom heeft de Liefde een brandend hart in haar hand. Zij wendt zich tot Dante met de woorden “Vide cor tuum” (Zie je hart), wekt de slapende Beatrice, voedt haar het brandend hart en verdwijnt.

Lofzang op de liefde, berusting in de dood

Wat bedoelt Dante daarmee? Dat zijn liefde voor Beatrice voor altijd in haar verder leeft als zij zijn brandend hart tot zich neemt? Dat de overleden Beatrice zijn hart heeft meegenomen naar de hemel? Of wellicht dat onbeantwoorde liefde uiteindelijk sterft? Wat het ook moge zijn, voor mij is Vide cor meum een lofzang op de liefde en een berusting in de dood.

De botte strijd om Dantes gebeente vechten ze maar lekker in Noord-Italië uit, zijn gedichten zijn van iedereen. Als mijn hart het begeeft, wil ik dat het engelachtige Vide cor meum klinkt op mijn begrafenis. Als laatste, als afsluiter van het leven. Ik voel het tot in mijn botten.

 

Facebook
Twitter

Laatste artikelen